Dagboek Art (Winnaar)
Winnaar Wie is de Mol? 2011!
En toen was het voorbij. Met zijn drie-en staan we tegenover Pieter-Jan. Soundos in een prachtige jurk, Patrick in een smetteloos witte blouse (de kleur van de onschuld... jaja!) en ik. Op het altaar van de vervallen Catedral de Santiago. Weer zo'n geweldige lokatie, uitgekozen door de makers van Wie is de Mol. Wat doen ze dat toch knap, bedenk ik me en mijn gedachten dwalen af naar al die andere plekken waar we geweest zijn de afgelopen weken; van een verlaten ziekenhuis tot een zwarte vulkaan en van een kolkende zee tot een immense koffieplantage. Vaak mooi, meestal spectaculair en bijna altijd nat.
Pieter-Jan kijkt ons nog maar eens doordringend aan. Voor de laatste keer waarschijnlijk. Ik mijmer intussen verder over alle toffe dingen die we hebben gedaan. Op een koord boven een ravijn lopen, van een vulkaan rennen, cowboy spelen tussen 1200 koeien en nog veel -heel veel- meer.
Het is een parade van mooie herinneringen. Maar daar blijft het niet bij.
Ik heb ook vriendschappen gesloten. Echte vriendschappen. Als presentator van Peking Express kon ik me er wel eens over verbazen hoe snel deelnemers een band met elkaar kregen. Maar het is echt zo. Je deelt een ervaring waar je met niemand anders over kan praten. Zie het als een ontgroening bij het studentencorps of de dienstplicht. Dat heb ik allebei niet meegemaakt. Ik heb meegedaan aan Wie is de Mol. Veel leuker.
Nog even over die vriendschappen. Die heb ik soms op de proef gesteld, bijna verpest zelfs. (Sorry, Karin). Waarom? Omdat ik perse de finale wilde halen; ik wilde alles meemaken. Geen vulkaan of bomenopdracht missen. Ik wist van tevoren dat ik fanatiek ben. Mijn vrienden willen eigenlijk geen spelletjes meer met me spelen. Ze kennen me te goed. Weten dat ik niet tegen mijn verlies kan, dat ik moet en zal winnen. Dat daar alles voor moet wijken. Ik had de makers van WIDM vooraf al gewaarschuwd. "Ik ben leuker als Mol dan als deelnemer. Ik word te fanatiek, vrees ik... Dus als het kan, wil ik graag de Mol zijn."
Ze kozen niet voor mij. En toch sta ik er nu. Op de plek waar ik wilde staan; in de finale. Ik slik nog eens. En dan spreekt Pieter-Jan de verlossende woorden. De zoektocht is ten einde. Het hoge woord is eruit. Mijn goede vriend Patrick is de Mol.
En ik? Ik ben de winnaar. En nu? Nu zou ik blij moeten zijn. Zeker gezien mijn fanatisme. Maar ik ben niet blij. Want het is voorbij; het avontuur van mijn leven. Vooraf wilde ik alles meemaken, maar nu dat gelukt is, wil ik niets liever dan nog een keer. Nog een keer mee, nog een keer deze geweldige ervaring. Aah Pieter-Jan, als ik mijn prijzenpot nou eens inlever? Kunnen we het dan niet op een akkoordje gooien? Mag ik dan nog eens? Toe nou?
PS Geen zorgen hoor; met die blijdschap is het nog wel goed gekomen. Er is gefeest, er is gedanst. Op weer zo'n bizarre plek, gevonden door de makers van WIDM. Een pyramide. In Managua. "Nou ja, het moet toch niet gekker worden", zou de elfde mol hebben gezegd.