Karin
Dagboek Karin
Afgevallen in aflevering 10
Het is koud en vooral eenzaam in mijn hotelkamer. Ik heb alle knopjes van de airco geprobeerd, maar krijg hem niet uit. Na de regen in de boomtoppen, de koude douche bij de executie en de lange rit naar het hotel, ben ik inmiddels koud tot op het bot. En ik mis mijn kamergenoot Soundos, haar spulletjes, het gerommel in de badkamer.

Ooit op een dag zal ik trots en blij zijn dat ik het zo ver heb geschopt in dit helse spel. Dan zal ik voelen wat een geweldige ervaring dit geweest is, zal ik kunnen genieten van de bijzondere mensen die ik heb ontmoet... Ooit op een dag zal ik weer het gevoel van vlak vóór de executie naar boven kunnen halen: dat dit de mooiste, bijzonderste ervaring van mijn leven was. Maar vandaag lukt dat nog even niet, vandaag voel ik me de loser die nét niet tot in de finale kwam.

Ik probeer de film weer af te draaien. Als ik goed kijk kan ik misschien zien wat er mis gaat: Art en ik zeggen meerdere keren tegen elkaar 'Ik ben niet de mol.' Natuurlijk weet ik dat niemand te vertrouwen is, en toch geloof ik hem. Patrick is mijn mol. Alles begint te wankelen als Art die zin in de kerk opeens niet meer wil uitspreken. Is hij de mol en wil hij me waarschuwen? Is hij niet de mol, maar heeft hij het plotselinge verlangen me in het zicht van de finale uit te schakelen?

Een paar uur voor de test ga ik naar hem toe. Geen camera's in de buurt, de tuin van het hotel, onweer op komst. 'Ik wil dat je weet dat ik bij de test alles op jou ga zetten,' zeg ik.
'Je moet nooit alles op één persoon zetten,' is het cryptische antwoord.
Wat moet ik hier uit opmaken? Heeft hij spijt van zijn actie in de kerk? Is dit een rare manier om me duidelijk te maken dat ik niet alles op hem moet zetten, maar óók niet op Patrick. Is Soundos de mol?
Volkomen in de war maak ik de test volgens mijn oude plan. Patrick is en blijft mijn mol.

Een rood scherm. Zo voelt dat dus. Alle ogen op me gericht. Ik moet iets doen. Iets zeggen. Dat het niet geeft. Of iets anders sportiefs of aardigs. Maar ik voel niks sportiefs. Ik wilde winnen.
Het afscheid. Art die nog net iets in mijn oor fluistert. 'Sorry.'
Zegt hij nou 'sorry?' En waarom dan? Omdat hij toch de mol is en ik wél alles op hem had moeten zetten? Me eerst verraden en dan tijdens de afscheids-zoen-op-de-wang 'sorry' zeggen. Het voelt als een Judaskus. En een Judassorry.

Hoe moet ik de komende maanden door komen zonder het antwoord op die ene vraag? Ik wil dat Soundos 'het' is. Of ik wil horen dat ik het toch goed had met mijn verdenking van Patrick, maar net één vraagje te weinig goed heb geantwoord. Maar ik ben bang dat ik blinder ben geweest dan de mol zelf. Ik zat bij hem op een kerkbank en ik zag hem niet.

Wat zullen de anderen nu aan het doen zijn. Hun molboekjes bestuderen. Zich psychisch voorbereiden op de finaledag van morgen. Ik mis Patrick met wie ik altijd zo gezeglijk achter in de bus zat. Ik mis de Art van vóór het kerk-incident, ik wil naar Soundos luisteren terwijl ze een grappig verhaal vertelt. Ik wil er bij zijn als ze de finale spelen. Ik wil Wie Is De Mol opnieuw spelen. En dan winnen.