Een zicht op de haven van Nanterre
Van Gogh museum
Maurice de Vlaminck
Zaterdag 5 april 2008, 17:45 uur, Ned. 2
Nieuw in het Van Gogh museum in Amsterdam: De Seine bij Nanterre (1907) van Maurice de Vlaminck (1876 – 1958).
Een zicht op de haven van Nanterre, toen een klein dorp met veel industrie aan de Seine, net buiten Parijs. De compositie is opgebouwd uit verschillende horizontale lagen: water, begroeiing en een schip, de verste oever met huizen, en tot slot de lucht. De horizontale compositie is verlevendigd door het inbrengen van twee schepen, die diagonaal op de voorgrond van het schilderij zijn gepositioneerd, en een sterk verticaal element: de verticale schoorsteen op één van de boten. 

Binnen de Fauves vormden de autodidacten André Derain en Maurice de Vlaminck samen De school van Chatou. Beide schilders woonden op Île de Chatou, een dorp net buiten Parijs. Net als de (Post)impressionisten voor hen kozen Derain en De Vlaminck de dorpen in de vallei van de Seine ten westen van Parijs - zoals Chatou, maar ook het meer industriële Nanterre - als hoofdmotief. Waar de (Post)impressionisten vooral de recreatieve pleziertjes van de bourgeoisie uit Parijs vastlegden of de industriële ontwikkeling van deze plekken verbeeldden, worden de voorstellingen van De Vlaminck en Derain gekenmerkt door een haast neutrale houding tegenover de sociale gebeurtenissen binnen het landschap. Ze vereenvoudigden de landschappen tot de meest essentiële componenten, en lieten figuren en andere anekdotische details vaak achterwege. Ze richtten zich puur op hun persoonlijke reactie als schilder op de natuur en vertaalden hun lyrisch enthousiasme over de omgeving in pure kleuren en woeste verfstreken.

De Vlaminck en de Seine
Terwijl zijn vriend André Derain in 1906 naar Parijs verhuisde en in de zomer van dat jaar Henri Matisse vergezelde naar de Midi, bleef De Vlaminck in de buitenwijken. Hij schreef later: "Ik had geen behoefte aan een andere omgeving, de Seine met haar rijen aken, de sleepboten met hun rookpluimen […] de kleur van de lucht, de hemel met zijn grote wolken en flarden zon, dat waren de dingen die ik wou schilderen." De Vlaminck beschouwde zichzelf als een 'noordelijke kunstenaar'. Hij had genoeg aan het landelijke leven rond Chatou, dat voor hem vrede, afzondering, maar vooral ook pure eenvoud betekende. Hij probeerde deze idealen op het doek over te brengen door op instinctieve wijze te schilderen: zonder systeem, zonder opleiding, maar met in zijn gedachten de erfenis van de Postimpressionisten. 

In 1906 en 1907 produceerde De Vlaminck een enorme hoeveelheid landschappen, soms wel één per dag en altijd met dezelfde lokale motieven als onderwerp. Door zijn snelle en instinctieve werkwijze konden de werken behoorlijk uiteenlopen qua stijl. Zelfs binnen bepaalde werken hanteerde De Vlaminck geregeld verschillende schilderstijlen. Soms werkte hij in de wervelende, uitwaaierende penseelstreekjes en de contrasterende kleuren van Van Gogh, een andere keer werkte hij in heldere kleurvlakken à la Gauguin. Vaak schilderde hij in de stijl van Cézanne met zijn sterke geometrische volumes, omringd door donkere contouren. 

De haven van Nanterre
Het nieuw verworven schilderij is representatief voor de Fauves op het hoogtepunt van hun kunnen en lijkt te zijn gemaakt in 1907, het tweede jaar van De Vlamincks uitzonderlijke artistieke productie. De robuuste, fysieke benadering is typerend voor de Fauves. Ook het felle primaire kleurgebruik – zelfs in de schaduwpartijen – met de inbreng van complementaire contrasten sluit aan bij de schilderstijl. De Vlaminck smeerde de verf vaak rechtstreeks uit de tube op het doek.  De eenvoudige kleuren en de haast schematische weergave van het landschap passen in De Vlamincks streven naar de 'purificatie' van het landschap. De streken in verschillende tinten blauw en groen in de lucht en de bomen en de donkere contouren doen denken aan Cézanne. Vanaf 1906 was De Vlaminck zeer geïnteresseerd in het weergeven van de lucht of het water door middel van verschillende blauwtinten. De in impasto weergegeven delen worden afgewisseld met meer kalme passages, zoals de boten en de achtergrond, die uit royale horizontale verfstreken zijn opgebouwd.  

Aangekocht met steun van de BankGiro Loterij, de Mondriaan Stichting, de Vereniging Rembrandt (mede dankzij het Prins Bernhard Cultuurfonds) en het VSBfonds. © c/o Beeldrecht Amsterdam 2008

Van Gogh museum